De Levende Natuur nummer 6 van 2005 (Papieren magazine)

Afbeelding

DLN 2005-6

 

 Kansen voor betere natuur!

Redactie

 

 Ganzen slachtoffer van intensivering.

Nienhuis, J.

In natuurgebieden blijken Europese richtlijnen soms te leiden tot conflictsituaties. Zo dreigen ganzen in het Leekstermeergebied (Drenthe/Groningen) het slachtoffer te worden van extensivering in het natuurbeheer. De afname van het aantal overwinterende Kolganzen staat daarmee op gespannen voet met de Europese richtlijnen. Staat dit lot ook andere Vogelrichtlijngebieden te wachten?

 

 Dynamische natuur en starre wetgeving.

Klinken, A.C. van

 

 Loopkevers in veranderende Veluwebermen.

Noordijk, J., H.J.W. Vermeulen & Th. Heijerman

Net als bij veel heide- en stuifzandgebieden op de Veluwe, hebben de bermen langs de doorkruisende snelwegen te maken met opslag van dennen, opkomst van Grijs kronkelsteeltje en vergrassing. De bodemfauna, waaronder loopkevers, reageert hierop en voor diverse soorten kan dit betekenen dat de berm geen geschikt habitat meer is. In hoeverre dit het geval is, is onderzocht door in een tweetal bermen de loopkevervangsten uit 1989 te vergelijken met die uit 2003.

 

 Bijlmer-kommetje.

Maas, F.

November, nog even en dan is er weer de nationale oliebollentest. Welke bakker, welke oliebollenboer maakt ze het lekkerst? De test past helemaal in een vooral door reclame en media gebracht fenomeen. Wie is de beste, de sterkste? Wat staat het hoogste? Wat is het leukste, het mooiste, het ontroerendste? Competitie, ijdelheid en voortbestaan: die combinatie heeft uiteraard een biologische achtergrond. Zie de kemphaan, de hertenbronst, de apenrots. Via die laatste is het ongetwijfeld bij de mens beland. Al lang voor de Olympische Spelen en de Romeinse gladiatorgevechten zat het er allemaal al in. Het fenomeen is inmiddels niet meer te overzien: Michelin-restaurants, kijkcijfers, hondententoonstellingen, boeken-toptiens, de beroemdste Nederlander, de druivenkoningin, Miss Overijssel, ze zitten als het ware in één pakket.In de publiciteit rond natuur en landschap is het niet anders. Geef internet een zoekopdracht naar de mooiste plekjes in Nederland. Je komt terecht bij VVV’s , makelaars en projectontwikkelaars, bungalowparken, grote natuurbeheerders, wandelclubs, omroepen, kranten en tijdschriften. Als je niet zou weten dat het allemaal een beetje nep is, raak je er gemakkelijk opgewonden van. Nooit gedacht dat Nederland zó mooi zou zijn. ‘Beleef het mee’, staat er niet zelden in een ietwat ronkend jargon bij.Hoeveel ‘mooiste plekjes’ zijn er in Nederland? Niemand die het weet. Het is maar hoeveel je er wilt tellen en hoe groot je ze wilt maken. Hele landschappen, toch minder intiem, blijken er soms ook bij te horen. De Stichting Natuur en Milieu kwam deze zomer met een sterrensysteem, waarin geijkte gebieden als het stroomdal van de Drentse Aa, het Geul- en Gulpdal in Zuid-Limburg, de Hoge Veluwe en de Weerribben hoog scoorden. De score stoelde op een aantal criteria. De ecologische waarde, de cultuurhistorische waarde, de belevingswaarde, de mogelijkheden voor recreatie en het unieke karakter van een landschap.Dat de belevingswaarde vaak fors meetelt, zie je bij de NCRV. In het voorjaar 2006 wordt via de televisie voor de tweede keer de verkiezing van ‘de mooiste plek van Nederland’ gehouden. De onvermijdelijke bekende Nederlanders staan al weer in de startblokken om een goed woordje voor hun favoriete gebied of plek te doen. Niemand weet wat er uit komt. Gelukkig laten gewone Nederlanders zich niet gek maken. Op de website van het programma ( www.demooisteplek.nl ) geven ze hun eigen voorkeuren aan. Veel natuurgebieden uiteraard, maar gelukkig ook keuzen als ‘mijn achtertuin’, ‘uitzicht op het dorp Hoedekenskerke’, ‘oude kloostertuin bij Venlo’, ‘de Keukenhof’.Ooit woonde ik in Amsterdam-Zuidoost, dat toen nog gewoon Bijlmermeer heette. De wijk was pas in ontwikkeling en bevatte naast de eerste hoogbouwflats vooral toch veel ‘woeste grond’. Ruderaal terrein zou ik later leren. Veldbiologisch gebeurde er van alles. Ik struinde graag in dat soms wat ruige gebied rond. Op een late voorjaarsdag kwam ik in een enigszins onbestemd kommetje vlak naast een grote zandstort. Er wilde niet veel groeien, maar wat er groeide was opvallend: een combinatie van kamille, teunisbloem, gevlekte orchis en rietorchis. Ik ben toen op het talud van die zandstort gaan zitten. In het zonnetje. Op de terugweg liep ik over een al aangelegd asfaltpad, dat om onduidelijke reden in opgespoten terrein was aangelegd. Het pad lag er keurig bij, het zwarte corps had z’n best gedaan. Maar af en toe stak er vers riet door het asfalt heen. De kracht van de natuur in een surrealistische setting. De Bijlmer, mijn mooiste plekje toen. Ik bedoel maar.‘Het mooiste plekje’ is altijd arbitrair. Het dwingt iedereen echter wel hoogstpersoonlijk te inventariseren, te selecteren, te kiezen. Het verleden mag evengoed meedoen als het heden; cultuurlandschap telt net zo mee als ‘echte natuur’. Misschien is er wel een klein bezwaar. De focus op het mooiste plekje doet snel vergeten, dat natuur en landschap vanuit een ecologische optiek bij voorkeur in de vorm van grote eenheden, van processen en systemen moet worden gezien. Het gaat om veel meer dan een collectie mooie kralen. Dat iets als een kwelwatersysteem, een mariene voedselketen of een ooit goed afgeronde Ecologische Hoofdstructuur óók heel mooi kan zijn, wil er op de televisie, op verjaardagen en partijen echter maar moeilijk in. Praten over oliebollen is een stuk gemakkelijker.

 

 Verrassend herstel van insectenrijkdom in de Gelderse Poort.

Kurstjens, G., P. Calle & B. Peters

De Gelderse Poort is het rivierengebied gelegen tussen de Duitse grens en Arnhem en Nijmegen. Ruim 15 jaar geleden is hier begonnen met grootschalige natuurontwikkeling. De effecten op het herstel van de stroomdalflora werden al beschreven in november 2004; dit artikel gaat over de effecten op drie insectengroepen, te weten libellen, dagvlinders en sprinkhanen.

 

 De milieubalans van de natuur.

Kuneman, G.U.

In september kwam de negende Natuurbalans uit. De hoofdboodschap: het gaat op veel fronten beter met de natuur, bijvoorbeeld in het rivierengebied. Maar de milieukwaliteit -en dat is de invalshoek van dit artikel- kwakkelt voort. Helaas is het daarom nodig dat natuurbeheerders blijven schrapen, maaien en harken. En helaas blijft ook de Natuurbalans nodig, met de jaarlijks herhaalde boodschap: dames en heren beleidsmakers, u bent nog niet klaar.

 

 Programma Beheer, hoe lang nog?

Arnolds, E.J.M.

Aan het einde van dit jaar loopt de eerste periode af van het Programma Beheer, de regeling van het ministerie van LNV voor subsidiëring van natuurbeheer door natuurorganisaties, particulieren en boeren. Tijd voor een evaluatie van de uitgangspunten en de praktische toepassing.

 

 Reuzenberenklauw in Nederland beheersen met een nieuw bioherbicide?

Voogd, W.B. & H.G.J.M. van der Hagen

 

 Wie niet sterk is, moet zoet zijn.